Welkom, Gast. Alsjeblieft inloggen of registreren.
29-06-2017, 09:55:04
Startpagina Help Zoek Inloggen Registreren
Nieuws: Dit forum is gesloten en gaat verder bij "wie wat waar" onder de naam Cafeetje. http://www.scheveningen-centrum.nl/yabbse/index.php?board=31.0

+  Cafι "Pluk de dag"
|-+  Cafι "Pluk de dag"
| |-+  Een verzamelplaats van leuke verhalen en foto's
| | |-+  Verhalen & Foto's
« vorige volgende »
Pagina's: [1] 2 3 4 5 6 Omlaag Print
Auteur Topic: Verhalen & Foto's  (gelezen 120925 keer)
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Gepost op: 24-08-2008, 20:38:56 »

Huzaren in de 'Oude Alexander'

DEN HAAG - Waar nu senioren genieten van hun ongetwijfeld welverdiende rust in de appartementengebouwen Couperusduin, was het ruim een eeuw geleden een drukte van belang...
 
De oude Alexanderkazerne anno 1908. Foto Ned. Instituut voor Militaire Historie
..Het hoefgetrappel van honderden paarden, aangevuld met de luide bevelen van officieren klonken door tot in de omringende wijk Archipel.
Het kabaal was afkomstig van de Alexanderkazerne, die van 1844 tot 1938 was gevestigd aan de toenmalige Laan Copes van Cattenburch (de huidige Burgemeester Patijnlaan), tussen de Timorstraat en de Borneostraat.
Het dagelijks leven in de Archipelbuurt werd tussen circa 1810 en de Tweede Wereldoorlog sterk beënvloed door de aanwezigheid van kazernes. Want niet alleen aan de Laan Copes van Cattenburch lag een legerplaats, ook aan de nabijgelegen Frederikstraat (de Frederikkazerne) en de Mauritskade (Oranjekazerne) waren honderden militairen gelegerd.
De Alexanderkazerne ' vernoemd naar prins Alexander, de tweede zoon van koning Willem II - werd in 1841 speciaal gebouwd voor de cavalerie, ofwel de ruiterij van het leger. In de Oranjekazerne was de infanterie gelegerd en in de Frederikkazerne de veldartillerie. 'De huzaren waren onderdeel van de lichte cavalerie,' vertelt drs. Joep van Hoof, wetenschappelijk medewerker bij het Nederlands Instituut voor Militaire Historie.
'De mannen en paarden vormden in die tijd de stoottroepen op het slagveld, waarbij ze in formatie op de vijand afstormden. Ook werden huzaren ingezet voor verkenningen en bij de beveiliging van troepenverplaatsingen. Het paard was het belangrijkste vervoermiddel. Hetzij als last- of trekdier, hetzij als rijdier.'
In 1875 vestigde het Derde Regiment Huzaren zich permanent in de Alexanderkazerne. Vanwege de rode elementen op hun uniform ook wel 'de Rode Huzaren' genoemd. Later kreeg het de erenaam 'Hofregiment', omdat het zo lang in Den Haag was gelegerd.
Het Derde Regiment Huzaren wisselde door de jaren heen sterk in omvang. Dat varieerde van vierhonderd tot achthonderd man, met daarbij nog eens een veelvoud aan paarden. De officieren waren veelal van gegoede komaf. Dat blijkt uit welluidende namen als Hoytema van Konijnenburg, Van den Wall Bake, de jonkheren Mollerus, de Marees van Swinderen, Gevaerts van Nuland en Teding van Berkhout en de baronnen Van Lijnden en Van Heemstra, om er slechts een paar te noemen.
Veel minder elitair waren de manschappen. 'Nadat Napoleon in 1810 de dienstplicht had ingesteld, en drie jaar later bekrachtigd door koning Willem II, waren het voornamelijk dienstplichtigen die de manschappen vormden,' zegt Van Hoof. 'Voor de huzaren waren dat meestal boerenjongens, die immers gewend waren met paarden om te gaan. Het was voor de onderofficieren vaak een lastige klus om deze jongens in toom te houden. Komend van het rustige platteland kwamen deze jongemannen veelal voor het eerst in een grote drukke stad terecht. Bovendien waren zij weinig discipline gewend. En daar kwam bij dat de meesten nog nooit een school van binnen hadden gezien. Ze wisten soms niet eens wat links of rechts was. Dan kregen z</CL></CW><CW-2>e tijdens de exercitie een bosje stro om een van de benen gebonden om links en rechts uit elkaar te kunnen houden.'
Die exercities hadden plaats op het tegenover de kazerne gelegen Alexanderveld. Een groot grasveld, waar onder meer werd getraind op het in formatie uitvoeren van charges te paard. De huzaren waren daarbij gewapend met karabijn en sabel. Maar ook de duinen en het strand fungeerden als oefenterrein.
Terwijl de dienstplichtige huzaren op het kazerneterrein woonden, werden in de omliggende Archipelbuurt enkele woonhuizen gebouwd voor de hogeren in rang. Voor de officieren verrezen prachtige huizen in vooral de Atjehstraat, terwijl in diezelfde straat voor gehuwde onderofficieren en korporaals zogeheten commissiehuisjes werden gebouwd. Veel minder bekend is het Malakkahofje. Hier liggen a</CW><IR0.3>chter een gewone huisdeur aan de straatkant vier huisjes, gebouwd voor de huisvesting van enkele bevoorrechte huzaren en hun gezinnen.
Het kazerneleven was niet erg comfortabel. Vooral de manschappen hadden het niet altijd even gemakkelijk. De paarden op de kazerne hadden vaak een beter leven. Ter illustratie een van de regels uit de <CF102>Leidraad voor den Huzaar</CF> uit 1919: 'Het is verboden brood en andere levensmiddelen buiten de kazerne te brengen. Een goed huzaar voert het brood dat hij overhoudt, op aan zijn paard.'
Hoewel er volop werd geoefend op het exercitieterrein, zijn de huzaren niet vaak in actie gekomen in daadwerkelijke gevechtshandelingen. De echte veldslagen met deelname van huzaren liggen ver terug in de geschiedenis. In 1815 trokken de huzaren ten strijde in de beroemde Slag om Waterloo, die het definitieve einde van Napoleon betekende. En in 1831 namen de huzaren deel aan de Tiendaagsche Veldtocht in een vergeefse poging de Belgische opstand de kop in te drukken. 'Later is het regiment nog wel gemobiliseerd voor de Frans-Duitse oorlog in 1870 en de Eerste Wereldoorlog, maar daar is men niet in actie gekomen,' weet Van Hoof.' In de Tweede Wereldoorlog werd de cavalerie toegevoegd aan het veldleger voor het uitvoeren van verkenningen. De enige gevechtshandelingen van het regiment toen hadden plaats aan de Grebbelinie.'
Rond 1900 bleken de meeste kazernes in Nederland niet meer te voldoen aan de strengere eisen op gebied van huisvesting en hygiëne. Dat gold ook voor de Alexanderkazerne. Het duurde echter tot 1930 voor men een goede locatie had gevonden. 'In de jaren twintig van de vorige eeuw was er even sprake van een nieuwe kazerne op Houtrust, naar een ontwerp van Berlage, maar het werd uiteindelijk de Van Alkemadelaan in Scheveningen.'
Op 16 augustus 1939 vertrok het Derde Regiment Huzaren voor de laatste keer te paard uit de oude Alexanderkazerne aan de Laan Copes van Cattenburch om, na een afscheidsmars door de straten van Archipel, zijn intrek te nemen in de nieuwe Alexanderkazerne aan de Van Alkemadelaan.
De oude kazerne bleef nog jaren staan en werd voor talloze doeleinden </IR>gebruikt, tot hij in 1971 werd gesloopt om plaats te maken voor de bouw van de appartementencomplexen Couperusduin 1, 2 en 3. Op het voormalige exercitieterrein verrees het Haagse stadhuis en het hoofdbureau van politie. De naam Alexanderveld veranderde in Burgemeester De Monchyplein. Ook het stadhuis is inmiddels alweer verdwenen en nu staan ook hier appartementengebouwen.
Al wat nog herinnert aan de militaire aanwezigheid van de huzaren in Archipel zijn de officierswoningen en de hofjes. En uiteraard de escorte van de Gouden Koets op Prinsjesdag. Het Derde Regiment Huzaren bestaat inmiddels niet meer. Op 29 november 2007 is het regiment, dat al was omgedoopt in Regiment Huzaren Prins Alexander, opgegaan in het Regiment Huzaren Prins van Oranje.


AD


* kazerne_1908.JPG (31.65 KB, 452x250 - bekeken 6407 keer.)
« Laatste verandering: 24-02-2009, 21:36:51 door Hans » Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Anneke
Grote drinker
***
Berichten: 341


Carpe Diem...!


Bekijk profiel
« Antwoord #1 Gepost op: 25-08-2008, 12:36:04 »

Altijd leuk om zulke verhalen te lezen!!! Cool Cool Cool Cool
Gelogd

Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #2 Gepost op: 13-09-2008, 21:25:47 »

Pleisterplaats in het Belgisch Park

DEN HAAG - In de oude villa hangt de schilder op het toilet. Het gaat om een zwart-wit foto van de Haagse artiest J.H. Mastenbroek (1875-1945), werkend aan een stadsgezicht.
 
Mastenbroek liet zijn huis zodanig ontwerpen dat er aan de achterzijde volop licht in zijn atelier viel.
Hij zit in volle artistieke glorie achter zijn ezel - een vrolijke blik boven zijn snor en het penseel losjes in de rechterhand.
Zijn atelier heeft veel weg van een opslagplaats, volgestouwd met werken van zijn hand. Voor de meeste ontving hij enige duizenden guldens, in een tijd dat de gemiddelde arbeider per jaar niet meer dan 700 piek thuisbracht. Dus kon hij zich in 1911 permitteren een villa met dertien kamers te laten optrekken in een duinpan in het Belgisch Park. Hij liet het huis zodanig ontwerpen dat er aan de achterzijde volop licht viel in zijn trapeziumvormige atelier. Het azuurblauw van de Noordzee had hij binnen handbereik, en de hand van zijn verbeelding deed de rest.
De woning waarin hij zijn oeuvre opbouwde, werd Quambi gedoopt. De zoon van de huidige bewoners - ze wonen er al dertig jaar - legde mij zonder haperen uit waar die raadselachtige naam vandaan komt. Hij is ontleend aan het Maori, de taal van de oorspronkelijke bewoners van Nieuw-Zeeland.
Daar was de schoonzus van de schilder begin 20ste eeuw naartoe ge???«migreerd. Als beeldhouwster werd haar gevraagd sierhekken voor het buitenverblijf te ontwerpen. Hoe ver ook van huis, voor de familie ging ze meteen aan de slag. Na een lange scheepsreis vonden de hekken hun eindbestemming rond de Scheveningse villa. Ze bedacht de naam Quambi, wat in het Maori pleisterplaats betekent. Een geuzennaam die de schilder en zijn nageslacht hoog hebben gehouden.
Ooit kreeg Mastenbroek de bijnaam 'poïet van het lawaai' ofwel 'dichter van de herrie'. Dat kwam doordat hij in zijn vroege jaren - hij werd geboren in Rotterdam - vooral taferelen van bedrijvigheid in de haven schilderde.
Lossende schepen, noeste arbeiders, volop beweging op de kades. Ook bij de afsluiting van de Zuiderzee legde hij het rauwe leven van de werklui vast.
Als artiest stond hij midden in de samenleving en onder zijn verfkiel klopte een sociaal voelend hart. Dat kwam aan de oppervlakte tijdens de Eerste Wereldoorlog. Nederland bleef toen weliswaar neutraal, maar na het bombardement op Antwerpen namen miljoen Belgen de wijk.
Zij bleven niet de volle vier jaar, maar overal in het land ontstonden enclaves van op drift geraakte zuiderburen. In Den Haag vonden 11.000 vluchtelingen een tijdelijk onderdak. Alle gemeubileerde villa's en pensions in Scheveningen waren jarenlang tot de nok toe bezet. Er werd zelfs een apart dorp met houten barakken voor de nieuwkomers uit de grond gestampt: La petite Belgique. Door hun aanwezigheid begon de badplaats in snel tempo te verfransen. De Badhuisweg werd aangeduid als 'Rue des Bains' en een pension dat Splendid heette, veranderde in 'Villa Splendide'. Op oude foto's zien we de strohoeden uit de Belgische Jekervallei overal op de boulevards oplichten.
Bij de opvang van berooide nieuwkomers liet ook Mastenbroek zich niet onbetuigd. Zo organiseerde hij een verloting om geld in te zamelen voor de hulp aan gestrande vluchtelingen in de stad. Met zijn steuncomité slaagde hij erin 860 kunstwerken bij Haagse artiesten los te praten, als prijzen voor het kansspel. In die collectie ontbraken ook zijn eigen doeken, tekeningen en aquarellen niet.
Op die manier slaagde hij er binnen enige weken in 60.000 loten te verkopen voor een kwartje. Maar het bleef niet bij liefdadigheid. De schilder zette zich ook actief in voor de kunst van zijn vakgenoten uit het Zuiden. Hij richtte een aparte commissie in voor beeldende kunstenaars, die plekken regelde waar zij hun werk konden exposeren. Ook liet hij pakketten maken met verf, doek en penselen, die zijn zoon met een kruiwagen naar het postkantoor bracht of persoonlijk afgaf bij kunstenaars in de buurt.
Zelf kocht hij verschillende doeken, om de schilders te stimuleren toch vooral aan het werk te blijven. In zijn memoires schreef hij op een dag zijn overjas aan een vluchteling te hebben uitgeleend, zodat hij zelf koukleumend over straat ging.
In zijn terugblik ging het om hartelijke en kranige artiesten, die in zijn situatie precies hetzelfde gedaan zouden hebben. Ze waren zowel gul met verf als in de dagelijkse omgang. Hij wist waarover hij sprak, want hij en zijn vrouw hebben ook enige kamers in hun villa ter beschikking gesteld voor de opvang van nieuwkomers. Bij zoveel ruimte vond hij dat aan zijn stand verplicht.
Niet zo vreemd dus, dat zijn naam na de bevrijding niet zomaar uit het geheugen van de teruggekeerde Belgen verdween. Het duurde niet lang voor Mastenbroek werd uitgenodigd een grote overzichtstentoonstelling in Brussel te houden. Hij oogstte er veel lof, ook van de internationale pers, en kreeg de Leopoldsorde uitgereikt door koning Albert. De vorst was zelf in 1914 als Ridder opgenomen in de roemruchte Orde van de Kousenband. Dat Europese instituut voerde al sinds de 14de eeuw als devies:'Honi soit qui mal y pense'. Zeg maar: schande over hem die er kwaad van denkt. Toen de huidige bewoner mij de tegels bij de authentieke schouw in de hal liet zien, moest ik aan die woorden denken.
In Delftsblauwe tegels trof ik namelijk de beroemde lijfspreuk van de ridderorde aan, zowel in normale taal als gespiegeld. Alsof de kunstzinnige Mastenbroek zich het motto eigen had gemaakt van de koning die hem met de Belgische versierselen eerde.
In de winter van 1942 viel het doek voor het schildersgezin. Er woedde opnieuw een oorlog en dit keer werd Nederland wél bezet. De Duitsers evacueerden delen van Scheveningen, om een dam te kunnen opwerpen tegen gevaar vanuit zee. Ook Mastenbroek moest zijn villa ontruimen, maar hij slaagde erin elders in de stad een benedenhuis te huren. Wat er in de naoorlogse jaren met Quambi gebeurde, is niet precies bekend. In de jaren vijftig en zestig fungeerde het in ieder geval als pension - zelfs als pleisterplaats voor vluchtelingen.
Alleen kwamen die dit keer van verder weg, namelijk uit de voormalige koloniale archipel. Zeker 60.000 Indische Nederlanders zochten hun toevlucht in Den Haag, en dat baarde het bestuur ernstig zorgen. Door de verwoestingen die de oorlog had aangericht, heerste er woningnood. Niemand zat dus te wachten op landgenoten uit de Oost. Toch moest er noodopvang komen, en wel snel. Net als destijds met de Belgische vluchtelingen werden overal hotels en pensions vrijgemaakt om Indische repatrianten een onderkomen te bieden. Dat gold ook voor villa Quambi, waar begin jaren zestig meer dan 40 Indische nieuwkomers waren ondergebracht.
In een contract met de staat zegde de pensionhouder toe voor onderdak en voeding te zorgen. Daar kreeg hij een vast bedrag per persoon voor. We weten alleen niet of pensionhouder L.A. Kalkhoven-van Santen, net als zijn voorganger, het hart op de juiste plek had. Honi soit qui mal y pense.


AD


* pleisterplaats.jpg (10.07 KB, 300x160 - bekeken 5145 keer.)
« Laatste verandering: 24-02-2009, 21:40:05 door Hans » Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Anneke
Grote drinker
***
Berichten: 341


Carpe Diem...!


Bekijk profiel
« Antwoord #3 Gepost op: 15-09-2008, 20:03:27 »

In Pension Quambi heeft mijn ex-man 4 jaar gewoond. Ze kwamen in '59 van Indonesi???« naar Nederland en gingen eerst naar Wezep, een soort kazerne. Na een jaar werden zij overgebracht naar pension Quambi in de Gentsestraat/Belgische Plein.
Er ging een verhaal rond dat vroeger iemand zich had opgehangen in het trappenhuis en dat het daar spooktte.
Maar dat idee hebben Indische mensen al gauw. Cheesy

Zij kregen eten uitgedeeld, glazige aardapelen en waterige jus en smakeloze groenten want ze mochten niet zelf koken.
M'n schoonvader werktte toen bij Hotel Wittenbrug als administrateur en heeft toen geregeld dat zij eten kregen van de hotelkeuken. Toen de andere families dat ook in de gaten kregen kreeg m'n schoonvader allemaal bestellingen mee. Shocked

Nou, dat was dus niet van lange duur. Uiteindelijk mochten de vrouwen toch eten klaarmaken in de keuken in het soustarain.

In '62 zijn ze verhuist naar een nieuwbouwflat in Leidschendam en omdat ze geen geld hadden (salaris moest afgegeven worden toen ze in Quambi woonden) hebben ze van de gemeente geld gekregen om meubels bij Pronk en van Leeuwen te kopen.
Dat geleende geld moest wel maandelijks terugbetaald worden aan de gemeente.

Daar moet je nu mee aankomen bij die buitenlanders die uit vrije wil hier naar toe zijn gekomen! Roll Eyes
« Laatste verandering: 24-02-2009, 21:40:31 door Hans » Gelogd

Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #4 Gepost op: 16-09-2008, 21:16:02 »

Anneke het is toch eigenlijk wat dat de mensen van zover naar het koude Nederland kwamen en in barakken en pensions werden gezet. Marco en familie zaten een tijdje in Seinpost en zaten ook op school in Scheveningen.

Mijn ouders gingen daar naar de bioscoop en zagen allemaal indische kinderen spelen. Niet te weten dat later een van die kinderen haar schoonzoon werd.  Grin
Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Gina
Moeder overste
Lid van de AA
*****
Berichten: 1436


Carpe Diem!!!!!


Bekijk profiel
« Antwoord #5 Gepost op: 01-10-2008, 09:15:48 »

Kreeg ik doorgestuurd. Neem hier eens rustig de tijd voor!


Wil je een staaltje fotografie zien, klik dan op de blauwe website hieronder.
Grandioos en professioneel. Bij elke foto de onderste schuifbalk gebruiken 
 
Gr.

Dank Jan voor deze Link Wink


 

                   http://www.fotorondleiding.nl/rotterdampanoramas/pano138-terugkeerssrotterdamaug2008.htm
Gelogd

*Geef pas een oordeel
als je denkt dat je zelf perfect bent*



www.amberalertnederland.nl
Gina
Moeder overste
Lid van de AA
*****
Berichten: 1436


Carpe Diem!!!!!


Bekijk profiel
« Antwoord #6 Gepost op: 06-10-2008, 08:49:24 »

Mutsenmaakster   Wink










Gelogd

*Geef pas een oordeel
als je denkt dat je zelf perfect bent*



www.amberalertnederland.nl
Anneke
Grote drinker
***
Berichten: 341


Carpe Diem...!


Bekijk profiel
« Antwoord #7 Gepost op: 07-10-2008, 12:50:17 »

Dat is Ger de Jong, m'n oude buurvrouw uit de |Menninckstraat.
Het is geen mutsenmaakster maar mutsenwaster.

Duidelijke foto's zeg! Cool Cool
Gelogd

shorti
Gast
« Antwoord #8 Gepost op: 07-10-2008, 14:22:59 »

Dat is Ger de Jong, m'n oude buurvrouw uit de |Menninckstraat.
Het is geen mutsenmaakster maar mutsenwaster.

Duidelijke foto's zeg! Cool Cool

Ik vind dat snoer met dat plakbandtje toch wel gevaarlijk Anneke.
Gelogd
rinus
Grote drinker
***
Berichten: 431


SCH 84 voortvaren


Bekijk profiel
« Antwoord #9 Gepost op: 07-10-2008, 14:25:04 »

Anneke het is toch eigenlijk wat dat de mensen van zover naar het koude Nederland kwamen en in barakken en pensions werden gezet. Marco en familie zaten een tijdje in Seinpost en zaten ook op school in Scheveningen.

Mijn ouders gingen daar naar de bioscoop en zagen allemaal indische kinderen spelen. Niet te weten dat later een van die kinderen haar schoonzoon werd.  Grin


 mar je bedoelt op het Seinpostduin 
Gelogd

Anneke
Grote drinker
***
Berichten: 341


Carpe Diem...!


Bekijk profiel
« Antwoord #10 Gepost op: 07-10-2008, 16:54:30 »

Dat is Ger de Jong, m'n oude buurvrouw uit de |Menninckstraat.
Het is geen mutsenmaakster maar mutsenwaster.

Duidelijke foto's zeg! Cool Cool

Ik vind dat snoer met dat plakbandtje toch wel gevaarlijk Anneke.

Hihi....!!! Grin
Volgens mij is het isolatietape.

Nou ja Cor, als je weet wat wij allemaal voor capriolen uithaalden vroeger dan hadden we hier niet meer gezeten. Roll Eyes

Denk maar aan een verloopstekker, zo'n driepoot.
Mag niet meer verkocht worden, gevaarlijk.

Op zo'n verloopstekker zat vroeger nog zo'n verloopstekker op, en dan alle stekkers daarin!!! Hoppa, net zo makkelijk! Cheesy Cheesy
« Laatste verandering: 24-02-2009, 21:40:58 door Hans » Gelogd

Gina
Moeder overste
Lid van de AA
*****
Berichten: 1436


Carpe Diem!!!!!


Bekijk profiel
« Antwoord #11 Gepost op: 08-10-2008, 12:40:29 »

Dit beeld blijkt te koop te zijn?Huh?...zie de link

www.quintabuma.nl/lidi/lidi.html


* scheveningse3.jpg (71.32 KB, 350x500 - bekeken 5356 keer.)
Gelogd

*Geef pas een oordeel
als je denkt dat je zelf perfect bent*



www.amberalertnederland.nl
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #12 Gepost op: 25-10-2008, 23:11:31 »

Prins Hendrik en de Tempelgangers

DEN HAAG - Ooit huisde Sharky' Beach Club op de eerste etage van het voormalige bankgebouw aan het Prins Hendrikplein en zweepten dj Remy en Stef Vrolijk de dansers met hun wilde klanken op. Van de baromzet konden concurrenten slechts dromen.
 
De bovenste etage van De Tempel was ooit het domein van een aantal plaatselijke kunstenaars.
Nooit eerder was ik zo dicht bij een gebrandschilderde ooievaar. Ze stond parmantig midden in een cirkel met provinciale wapenschilden. De eeuwige worm stevig in haar Haagse bek.
Normaal is ze voor geen sterveling bereikbaar. Alleen heeft De Tempel aan het Prins Hendrikplein zoveel verbouwingen achter de rug, dat de buitenmuur van de tweede etage nu via een sluipweg valt te bereiken. Zo stond ik ineens op een soort binnenplaatsje oog in oog met een fonkelend witte vogel. De glazen trots van de stad en van dit statige bankgebouw uit 1915.
Niet dat er binnenin nog veel te bespeuren viel van de glorie van weleer. Op de bovenste etage dwaalde ik rond te midden van een bouwval van kamers waar niet lang daarvoor plaatselijke kunstenaars hun eerste verf op goedkoop linnen uitsmeerden. Hokken voor artiesten, waar ooit het buitenlicht overvloedig naar binnen stroomde. De geest van de creativiteit lijkt er nu voorgoed geweken.
Een vloer lager waren de sporen van de geschiedenis al even drastisch uitgewist. Aanvankelijk kwam ik niet veel verder dan de charmante grijns van Pierce Brosnan: agent 007 in hard karton. Het reclamebord stond wat verloren tussen rekken vol vintage kleding, een dure naam voor tweedehandsspul uit de jaren zeventig. Wie maar lang genoeg wacht, ziet oude stijlen vanzelf weer trendy en modieus worden. Alsof er maar een beperkte voorraad aan stijlen in ons geheugen ligt opgeslagen.
Ook de stoel van ruimtevrouw Barbarella keerde hier terug van weggeweest. Ooit een sekssymbool, nu een zitmeubel dat tegen een spotprijs van de hand gaat. Het hoort bij de voorraad retrospulletjes die de huidige ingezetene van het pand in de verkoop heeft. Hij noemt zijn warenhuis De Tempel, verwijzend naar de dansgelegenheid die ooit furore maakte op deze plek. Toen Sharky's Beach Club op de eerste etage huisde, met zand op de vloer om een strandsfeer op te roepen. Toen dj Remy en Stef Vrolijk, die boven een eigen studio hadden, de benen tot in de late uurtjes van de grond kregen. Toen de bar een bieromzet draaide waar de rest van de Haagse horeca alleen maar van kon dromen.
Toch was het allemaal begonnen met een hang naar het hogere. In de jaren tachtig beleefde de beweging rondom de Indiase goeroe Bhagwan haar gloriedagen. Hij wees zijn aanhangers, die zelfs in het donker nog opgloeiden met hun oranje gewaden, het pad naar de verlichting. Wie viel toen niet voor de boodschap van vrije seks, vrolijkheid en gezonde voeding?
De latere ontsporingen van de sekte lagen nog ver in het verschiet toen een groepje discipelen (sannyasins) het pand aankocht. Dat het naastliggende plein was vernoemd naar de 19de-eeuwse prins Hendrik de Zeevaarder, paste bij hun geest van maatschappelijk verzet. Boven de bar hing een afbeelding van Shiva, de Hindoegod van het welzijn. Om niet te vergeten dat de ware wijsheid uit het Oosten komt.
Achter de loketten op de begane grond lagen de biologisch-dynamische waren uitgestald in houten schappen. Als de personeelsleden het op hun heupen kregen, slopen zij weg van hun plek achter de bar en begaven zij zich onder de dansers. Ook als oudere jongeren zwoeren ze bij het ritueel van de collectieve extase.
Als vingerwijzing naar de boodschap van hun immer glimlachende profeet stond er op een spiegel boven het plankier: Use things, love people. De geest van de tijd wilde fun, en dat werd het jonge volk volop aangeboden in dit alternatieve godshuis.
Maar zoals dat gaat met ludieke ondernemers, ze raken gemakkelijk in commercieel vaarwater. Vijf jaar na de opening in 1986 lag het accent niet langer op de opvang van ontspoorde jongeren, cursussen yoga en andere manieren om het innerlijke zelf te ontdekken. Moderne dertigers wilden na een dag hard werken ook weleens uit hun dak gaan in eigen stad. Op die behoefte speelde de leiding van De Tempel in door de mogelijkheden tot vermaak steeds breder uit te venten. De eigen leden - dat waren er midden jaren negentig zeker vierduizend - kregen zelfs een kredietkaart. Niet alleen om de uitgaven te drukken rondom de dansvloer. Ze konden er ook lagere prijzen mee bedingen in Haagse winkels, restaurants en bij hippe evenementen.
Iedere groep muziekliefhebbers werd op zijn wenken bediend met een eigen avond om te partyen. Het zakeninstinct reikte echter verder. Ook wie een bedrijfsfeestje wilde of een presentatie van een nieuw kaasje of biermerk, kon terecht in het monumentale hart van het Zeeheldenkwartier. Een nieuwsbrief ging rond om de jongeren op de hoogte te houden van alle activiteiten, en op hun verjaardag kregen ze zelfs een speciale uitnodigingskaart. De managers wisten de tent professioneel op te stuwen met volop promotie en acties om jongeren aan zich te binden. En dat terwijl buurtbewoners regelmatig klaagden als de overlast in de kleine weekenduurtjes weer eens de spuigaten uitliep.
Eén keer heeft de politie zelfs de omgeving met gummiknuppels jongerenvrij moeten maken. Niettemin groeide de plek uit tot een begrip in kringen van Hagenaars die nu nostalgisch terugkijken op die tijd. In 2005 ging de tent voorgoed dicht: de rek was eruit, en de inkomsten liepen terug.
In de tijd dat het gebouw nog een geldtempel was, lag dat net zo. In het begin van de 20ste eeuw had architect F.A. Bodde zich ingespannen om de Haagsche Commissiebank een solide en indrukwekkend aanzien te geven. Ook hun opvolgers, Mees en de naoorlogse Nederlandse Bank voor Zuid-Afrika, vielen meteen voor die uitstraling van vertrouwen. Vanouds immers de basis van het bankwezen. Bij binnenkomst stapten de mannen met hoge hoed over marmeren vloeren naar de balies, waar de klerken hen nederig welkom heetten. Eenmaal het koperen hek door van de toegangshal, zagen zij een trap waarover alleen welgestelde burgers voortschreden.
Wie omhoog keek, zag in de hoeken van de hal koperen pelikanen die de wanden stutten. Enkele exemplaren van de soort zijn ook ingemetseld in het brede front van het gebouw. Wel een vreemde snoeshaan op die plek, want de pelikaan staat symbool voor opofferingsgezindheid. Dat lijkt me toch niet echt een drijfveer van geldbeheerders.
Zij horen en zien weliswaar veel, alleen zijn ze getraind om in de luwte te blijven. Niet het offer kenmerkt hen, maar discretie. De baas van de oude spulletjes, een antikraker van de stichting Bewaakt & Bewoond, was veel minder terughoudend. Hij ging me voor naar de kelder van het gebouw. Achter een kluisdeur die zelfs het team van Ocean Eleven niet uit zijn hengsels zou kunnen blazen, lag het heilige der heiligen.
Slechts één wandje met kluizen had de tand des tijds weten te doorstaan. Hier hadden zowel eerlijke zakenlui als zakkenvullers ooit hun geheimen weggeborgen. Tot de beurskracht van 1929 hen wegvaagde, net als de beleggers van nu. Aan het Prins Hendrikplein 39 lijkt tegenwoordig alles retro.


AD


* De_Tempel.jpg (10.12 KB, 300x160 - bekeken 4792 keer.)
« Laatste verandering: 24-02-2009, 21:42:34 door Hans » Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #13 Gepost op: 15-11-2008, 20:53:55 »

Tuinieren aan de rand van Moerwijk

DEN HAAG - In de jaren vijftig verrezen rijen flatwoningen in de polders rondom Den Haag. Het waren de jaren van de wederopbouw, met volop stadsuitbreiding. Voorzieningen voor de jeugd schoten er een beetje bij in. Schooltuintjes moesten dit gemis compenseren.
 
In de Haagse volkstuintjes zijn tegenwoordig vrijwel alleen ouderen in de weer met hark en gieter.
 Het hek staat al op een kier, als wij aan het eind van de dag binnenschuifelen. We groeten een Turkse Hagenaar die op zijn knie???«n tussen de groenten zit. Met Huh©???©n oogopslag zien we dat zijn afgerasterde perk hem gemakkelijk de lange winter doorhelpt.
Verderop liggen vooral kale veldjes, met tussendoor rijen snijbloemen, want die zijn gemakkelijk te onderhouden. Meer dan een schoffel is er niet nodig om ze op kleur te krijgen. Tussen het grijzer wordende wolkendek lichten vooral de bedjes rode kolen op.
We zijn te laat om rond te kijken in de kruidentuin, of in de hortus waar verschillende landschappen zijn aangelegd. De buitenwerkers van de gemeente gaan zoetjesaan op huis aan, dus die kunnen we niets meer vragen. Dat het hek openblijft, danken we aan drie senioren die op een bankje v?HuhHuh?r de schuur zitten.
Als ware landlieden rusten ze uit van een middag wroeten in eigen aarde. Ze beginnen me spontaan in te wijden in de geheimen van hun groentetuin. Met zijn cyclus van spinazie, sla en bietjes in het voorjaar, tot de knollen voor stamppot in het winterse seizoen. Over de gevaren van bladluis en slakken, de eeuwige vijanden van voedsel uit eigen gaarde.
Om het landelijke beeld te vervolmaken, staan verderop geiten en schapen te grazen op een kinderboerderij. Met een bruingevlekte koe, plus Huh©???©n kalf - meer ruimte voor vee is er niet in de stal.
Er zijn hier tegenwoordig vrijwel alleen ouderen in de weer met hark en gieter. Toch is dit terrein in de flank van het Zuiderpark ooit aangelegd om stadskinderen door het werk in schooltuintjes vertrouwd te maken met de wetten van moeder natuur. E???©n van de senioren op het bankje herinnert zich nog hoe zij als katholiek meisje in de jaren vijftig na vijven met de klas hiernaartoe huppelde. Achter het wapperende gewaad van haar leerkracht aan.
De beelden van toen staan haar nog helder voor de geest. Een bakje met opkomende waterkers, de smaak van haar eerste radijsjes. Of de griezelige coloradokevers op de ruige aardappelstronken.
In die tijd verrezen rijen flatwoningen in het polderlandschap. Het waren de jaren van de wederopbouw, met volop stadsuitbreiding. Maar de gemeente probeerde ook om de banden te versterken tussen de pioniers in Moerwijk. Alleen voorzieningen voor de jeugd schoten er een beetje bij in. En dat terwijl de oorlog de geest van verzet tegen het gezag flink had aangewakkerd.
Velen vroegen zich hardop af: hoe krijgen we onze tieners weer in het gareel? Nog v?HuhHuh?r de rebellerende nozems hun intrede deden, probeerde men jongeren met allerlei activiteiten op het rechte pad te krijgen. Het ging om stadskinderen, dus werd het wonder verwacht van aanraking met de natuur.
De padvinderij voorzag in die behoefte, vandaar hun enorme populariteit in die naoorlogse jaren. In clubverband en onder leiding van jongvolwassenen trok de jeugd er in zijn vrije uren op uit. Zij vermaakte zich met wandeltochten, eigen fikkies stoken tijdens het kamperen en de spieren trainen met behendigheidsspelletjes.
Dat gold ook voor de speciale opdrachten om hun geest van hulpvaardigheid en gevoel van verantwoordelijkheid te prikkelen. De autoriteiten vonden dat hard nodig, omdat stelen en bedriegen onder de Duitse bezetting heel gewoon waren geworden. Zeker tijdens de Hongerwinter leken ze uitgegroeid tot een strategie om te overleven.
Zulk gedrag hoorde natuurlijk niet thuis in de gewone maatschappij. Dus moesten oorlogskinderen een beetje heropgevoed worden. De welpenkringen van lord Baden Powell leken daar bij uitstek geschikt voor. In Moerwijk waren het vooral katholieke verenigingen, waar ook volop werd gediscussieerd en religieuze thema???‚¬?„?s aan bod kwamen. Voor wie geen zin had om zich in een groen uniformpje te wurmen, bleef het intussen behelpen. In Zuidwest kon de jeugd weinig meer dan op straat hangen, en als ze geluk had een keer naar de film.
De hoop dat zorg voor de natuur automatisch tot zorg voor de medemens leidt, leefde ook bij volwassenen. Als er weer wat nieuwe flats waren opgeleverd, ontstond al snel - heel Nederlands - een tuincommissie. De gemeenschappelijke tuin tussen twee woningblokken bleek een ideale plek voor bewoners om elkaar te ontmoeten.
In het verlengde daarvan lag het initiatief om samen te zorgen voor het onderhoud van het gedeelde groen. Wie een fotoalbum uit die tijd opslaat, ziet dat de eerste bewoners volop activiteiten organiseerden. Dagen met spelletjes voor de kinderen, kampeersessies voor de pubers en fancy fairs voor jong en oud.
Bij goed weer zaten de volwassenen Huh‚¬?„?s avonds buiten te kaarten of het doek ging op voor de amateurs van het buurttoneel. Als het weer en de spaarcenten het toelieten, werd er op de muziek van een ingehuurde band zelfs vrijuit gedanst tijdens zwoele zomeravonden. Zowel protestanten en katholieken, als socialisten en liberalen vonden elkaar in de uitgespaarde ruimtes tussen het beton.
Het lidmaatschap van een religieuze zuil mocht een rol spelen op school, in de kerk en bij verenigingen. In het naoorlogse Moerwijk ging het eerst en vooral om loyaliteit aan de straat - of aan het blok waar iemand woonde.
Ook in de schooltuintjes vielen de schotten weg. Daar stonden katholieke, protestantse en ongelovige kinderen schouder aan schouder groente en fruit te verbouwen op een eigen stukje grond.
Ouders en scholen streden in die tijd gezamenlijk voor zoveel mogelijk bouwgrond, zodat hun kinderen gezonde buitenlucht kregen. Bovendien voorzag de nabijheid van een kinderboerderij in de jeugdige zucht naar koestering. Een bijkomend effect was, dat het vandalisme afnam in buurten waar jongeren die zich verveelden voor overlast zorgden.
Niet zo vreemd dus, dat de faam van de schooltuintjes al snel toenam. De jeugd kon er zich flink in het zweet werken Huh©n hun ouders regelmatig verrassen met een mandje zelfgekweekte producten.
Op het snijvlak van stad en platteland gedijde het tuinieren. Zo had architect H.P. Berlage het ook bedoeld, toen hij in de jaren tien zijn eerste schetsen van een groot stadspark aan de zuidwestelijke rand van Den Haag op papier zette. Het zou echter tot 1936 duren alvorens het Zuiderpark zijn poorten opende: met een voetbalstadion, een zwembad en een openluchttheater.
In de crisisjaren waren grote groepen werklozen ingezet om de drassige poldergrond in cultuur te brengen. Om bomen en struiken te planten, en gazons aan te leggen. Om de bezoekers te vergasten op een eendenkooi, een rosarium en een botanische tuin. Daar mochten ze al hun stadse zorgen even vergeten.
Aan de jeugd was ook gedacht. In schooltuintjes konden ze hun natuurkundelessen in praktijk brengen en in Huh©???©n moeite door gezonde longen opdoen. Dat die voorziening n?Huh de oorlog zo???‚¬?„?n hoge vlucht zou nemen, had alleen niemand durven voorspellen.


AD


* volkstuintjes.jpg (10.65 KB, 300x160 - bekeken 4709 keer.)
Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #14 Gepost op: 16-11-2008, 20:20:02 »

Geschiedenis van de Scheveningse Voetbal Vereniging SVV vanaf e oprichting 1919 tot heden

http://www.dehaagsevoetbalhistorie.nl/?pid=17&clubs[cid]=78

en niet te vergeten Duindorp SV vanaf 1950 tot heden

http://www.dehaagsevoetbalhistorie.nl/?pid=17&clubs[cid]=17

Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Gina
Moeder overste
Lid van de AA
*****
Berichten: 1436


Carpe Diem!!!!!


Bekijk profiel
« Antwoord #15 Gepost op: 17-11-2008, 13:38:05 »

Ondergang van het Witte Huis

Door HERMAN ROSENBERG
AD.nl



DEN HAAG - Couperus droeg er voor uit eigen werk. Koningin Wilhelmina bezocht er tentoonstellingen en exposeerde er zelfs. Dat was allemaal definitief voorbij in 1944. Op 11 april vlogen de bommen letterlijk door de voordeur naar binnen. Resultaat: een rokende puinhoop en 62 doden.
 
Het 'Witte Huis' (Kleykamp) rond 1920. Het gebouw stond tegenover het Vredespaleis. ARCHIEFFOTO AD HC

 In het tv-programma Andere Tijden werd het onlangs een ‘vergeten drama’ uit de Tweede Wereldoorlog genoemd, maar oudere Hagenaars zijn het nog niet vergeten.

 De prachtige villa aan de Oude Scheveningseweg (nu: Carnegieplein), ooit de Koninklijke Kunstzaal Kleykamp, werd door de Royal Air Force binnen een paar minuten veranderd in een brandende ruïne.

Waaróm dat precisiebombardement werd uitgevoerd, wist men wel. Sinds 1941 was in het ‘Witte Huis’, zoals het ook wel werd genoemd, de Rijksinspectie voor de Bevolkingsregisters ondergebracht. Deze dienst was overigens evenmin als het gehate persoonsbewijs een Duits idee geweest. Alles was al vóór 1940 bedacht door de technocraat J. Lentz. Bij deze inspectie kon van elk persoonsbewijs worden gecontroleerd of het echt was of niet. En daarmee vormde de dienst een grote bedreiging voor verzetsmensen en onderduikers.

Maar waarom kwam de aanval op een werkdag en niet in het weekend? En had het niet eerder gekund? Deze vragen van ontroostbare nabestaanden en boze getuigen komen aan de orde in het onlangs verschenen boek Kleykamp, de geschiedenis van een kunsthandel ca. 1900-1968. Auteur Fits Boersma neemt hierin het bombardement voor zijn rekening. Hij belicht het van alle kanten en geeft aan hoe verschillend er tegenaan gekeken werd en wordt. In Engeland geldt de luchtaanval tot op de dag van vandaag als een van meest geslaagde operaties van de RAF. Getuigen en nabestaanden daarentegen zijn tot op de dag van vandaag kritisch.

Geheim agent Louis d’Aulnis de Bourouill, die Londen van informatie voorzag - hij is nog in leven en kwam aan het woord in Andere Tijden - betreurt de vele doden, maar stelt dat het niet anders kon. ‘Het was oorlog, miljoenen stierven,’ zegt hij.

Treurig is dat het bombardement ondanks de ravage niet echt geslaagd was, zoals brandweerman J. van den Hoek niet zonder risico in zijn rapport noteerde. Helaas, schreef hij, ging slechts een deel van de reusachtige cartotheek verloren. Veel stalen archiefkasten kwamen ongeschonden uit het puin tevoorschijn.

De bijdrage van Boersma is een voorbeeldig staaltje geschiedschrijving, die de verschrikkingen van de oorlog bijna tastbaar maakt. Completer is ‘Kleykamp’ nooit behandeld en kan het ook niet behandeld worden. Eén onnodig foutje sloop erin: een bij dit hoofdstuk afgedrukte luchtfoto is aanzienlijk ouder dan het vermelde ‘circa 1942’.

Het oorlogsdrama zou bijna doen vergeten hoe veel mooie dingen er in Kleykamp zijn gebeurd. Daaraan is het overgrote deel van dit boek, waaraan nazaten van de familie Kleykamp hebben meegewerkt, gewijd. Die familie was afkomstig uit Rotterdam waar een mandenmakerij gedreven werd. Pieter Kleykamp en zijn ambitieuze vrouw Ermina begonnen daarnaast rond 1900 Aziatische kunst te verkopen en maakten daarvan hun hoofdbedrijf in 1903. In 1909 volgde de verhuizing naar de Oranjestraat in het rijkere en artistiekere Den Haag. Samen met kunsthandelaar Theo Neuhuys deed men nu ook in eigentijdse schilderkunst. De zaken gingen dermate goed, dat in 1916 de kapitale villa tegenover het Vredespaleis kon worden betrokken.

De firma Kleykamp was intussen een begrip geworden in de artistieke wereld en de Haagse society. Niet alleen Couperus kwam er, maar ook de oude ‘goden’ Boutens, Van Deijssel en Kloos. Ook de relaties met het koninklijk huis waren goed. Koningin Emma en koningin Wilhelmina bezochten de kunstzaal vaak. In 1920 kreeg die het predikaat koninklijk. De Kleykamps cultiveerden deze bijzondere relaties met verve, door kunstenaars als Toorop en Tholen portretten van leden van het koninklijk huis te laten maken. In 1932 had de kunstzaal de eer een reeks werken van Wilhelmina te mogen exposeren. De bos- en berggezichten oogstten de lof van vele kunstenaars. Schilder Antoon van Welie consteerde dat de vorstin ‘temperament’ had en dat in haar geregeld het ‘feu sacré’ hoog oplaaide.

Niet iedereen was enthousiast over de firma Kleykamp. Kunstenaar Richard Roland Holst noemde Ermina, die door Toorop werd geportretteerd, ‘een van die vrouwen met hongerige blik en razend veel zakelijkheid’. Hij karakteriseerde Kleykamp als ‘kunstbordeel voor de hoogste standen’. Dat was wel wat ovedreven. Alleen al uit de vele fraaie afgebeelde kunstvoorwerpen blijkt dat Kleykamp toch ook een echte kunsttempel is geweest.

J.F. Heijbroek e.a., Kleykamp, de geschiedenis van een kunsthandel ca. 1900-1968, uitg. Waanders, € 39,50.




* villa_kleykamp_181875h.jpg (13.81 KB, 300x160 - bekeken 4791 keer.)
« Laatste verandering: 17-11-2008, 13:39:42 door Gina » Gelogd

*Geef pas een oordeel
als je denkt dat je zelf perfect bent*



www.amberalertnederland.nl
Anneke
Grote drinker
***
Berichten: 341


Carpe Diem...!


Bekijk profiel
« Antwoord #16 Gepost op: 17-11-2008, 22:49:32 »

Leuk om al die verhalen te lezen....!!!! Cool Cool

Super! Cool Cool
Gelogd

Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #17 Gepost op: 03-12-2008, 13:39:51 »

De hevige oktoberstorm van 1882

Scheveningen - Weersdeskundigen van destijds schreven in de dagbladen tussen 21 en 23 oktober 1882 nog de geruststellende berichten als: Huh‚¬??depressies zijn nog ver van ons af???‚¬?„? en Huh‚¬??wij verwachten een rustig najaarsweer.Huh‚¬?„? Op 24 oktober meldden zij dat het slechts wat Huh‚¬??winderiger uit het Zuidwesten???‚¬?„? was geworden. De volgende dag echter berichtte de bladen: Huh‚¬??heden waait een hevige storm???‚¬?„?. Die 24ste oktober zou voor Scheveningen een ware ramp betekenen.

Ruim honderd bomschuiten waren tijdens die storm nog in zee en langzaam maar zeker bereikten de onheilsberichten van terugkerende vissers Scheveningen zodat de bezorgdheid steeds meer toenam. Veel schuiten kwamen aan met averij aan ankertuig of zeilen en enkelen waren geheel weerloos van hun vleet Huh‚¬??afgegooid???‚¬?„?. Anderen die wel hun vleet dachten te halen kregen niet meer dan een kale speerreep binnenboord.
De schuit Huh‚¬??Clara???‚¬?„? van reder Van der Toorn was Nieuwendiep binnengelopen en meldde van daaruit het verlies van matroos Klaas Plug. Hij was overboord geslagen zonder dat men kans had gezien een reddingspoging te ondernemen. Twee man waren tijdens de storm tegen het dek geworpen en liepen daarbij zware kneuzingen op. Met het verlies van zeil, giek, kluifhout, 45 breeltjes en 12 ton haring kon de schuit Scheveningen nog bereiken.
Schipper Bal, van de bomschuit Huh‚¬??Sailor???‚¬?„?s Home???‚¬?„? bevond zich onder de Engelse kust toen het vaartuig door de storm dwarszee werd omgeworpen. Gelukkig scheurde het zeil aan flarden zodat het vaartuig zich weer richtte. Echter alles wat zich aan dek bevond was een prooi van de golven geworden. Een man was daarbij overboord geslagen en dreef weg, maar door een nieuw aankomende zee werd de man wonder boven wonder weer aan boord van de schuit gegooid. De schuit kon nog met behulp van slechts het voorzeil behouden de Scheveningse wal bereiken.

Vanuit het Noord-Hollandse Castricum kwam een telegram dat daar de schuit Huh‚¬??Jacoba Biever???‚¬?„? was gestrand en drie van de negen vissers waren omgekomen. De overige zes hadden heel wat voor hun lijfsbehoud moeten doorstaan.
De schuit was tegen de middag van 24 oktober niet al te ver van Scheveningen verwijderd toen de storm los brak. Kort daarop braken de giek en de gaffel waaraan de zeilen waren verbonden. Om niet aan lager wal te raken was men genoodzaakt te ankeren. Echter door de nog toenemende storm moest het ankertuig worden gekapt anders was de schuit door de zee verzwolgen.
Zodra het ankertuig was gekapt liep het vaartuig met vliegende vaart voor de Zuidwesterstorm uit totdat het uiteindelijk rond 20.00 uur op de Moorbank ter hoogte van het dorp Castricum bleef vastzitten. Daar bulderde de zee over de schuit heen en nam alles wat aan dek was met zich mee. Daarbij werden de 26-jarige Huibert de Ruiter en de 14-jarige Simon Jol mee gesleurd en kwamen in de golven om.
Schipper Giel Pronk trachtte daarop om een lijn op de wal te brengen zodat de overigen eveneens het strand konden bereiken. Hij bond zich de lijn om het lijf en stapte in het kolkende water. Al snel gaf hij een teken dat hij zich door de felle zee, en een diep gat tussen de banken, niet staande kon houden. Met de lijn trok de bemanning schipper Pronk weer binnenboord waarna de lange matroos Jan van der Burg zich meldde om het te proberen. Bovendien was Van der Burg de zwemkunst meester en begaf hij zich met dezelfde lijn te water. Echter toen hij eenmaal over de bank heen was stapte hij in een volgend diep gat en verdronk, de zwemkunst ten spijt.
De totaal verslagen overige bemanning bleef daarna aan boord en was genoodzaakt om, door de telkens overkomende stortzee???«n, in de mast te klimmen om nog een enigszins veilige schuilplaats te hebben. Enkele sjorden zich met hun broekriem of touwwerk aan de mast om nog enige steun te verkrijgen. Deze toestand duurde tot 6 uur in de morgen eer de situatie enigszins verbeterde zodat men de schuit kon verlaten om het strand te bereiken. Door en door nat, verkleumd van koude en honger, besloot de bemanning te gaan lopen om de kleren door de wind droog te krijgen. Zij bereikten uiteindelijk het dorpje Wijk aan Zee waar zij door de directeur van het Wijker Badhuis werden verzorgd. De kleren werden bij de plaatselijke bakker te drogen gehangen en de pastoor voorzag de vissers van andere kledingstukken.
Enigszins bekomen van de ontbering en wel gevoed keerde de bemanning terug naar het vaartuig. Daar was intussen personeel van de kleine rederij gearriveerd die op het verzonden telegram waren afgekomen. Circa 120 kantjes haring, netten en touwwerk konden nog uit het schip worden gelost. Weliswaar met veel blessures aan benen en armen konden de zes vissers uiteindelijk aan de thuisreis naar Scheveningen beginnen.
Daar wachtte een desilussie want er was na de storm in veel Scheveningse gezinnen ongerustheid ontstaan over het uitblijven van de overige schuiten. Een aantal daarvan deed aan haringvisserij zodat tijding lang kon uitblijven. Pas begin december werd de ramp in volle omvang duidelijk toen de schuiten Huh‚¬??Holland???‚¬?„?, de Huh‚¬??Vrouw Ida???‚¬?„?, Huh‚¬??De Hollander???‚¬?„?, de Huh‚¬??Vrouw Wilhelmina Groen???‚¬?„?, Huh‚¬??De Vrouw Neeltje???‚¬?„? en Huh‚¬??De Jonge Dirk???‚¬?„? nog niet waren teruggekeerd en dus tijdens de storm van 24 op 25 oktober waren vergaan. Maar liefst 53 vissers waren daarbij omgekomen. Twe???«ndertig weduwen en 97 wezen bleven achter.
Deze ramp zou voor Scheveningen en haar visserijgeschiedenis - door het grote aantal slachtoffers op Huh©???©n dag plaatsgevonden- de meest omvangrijke uit de 19e eeuw betekenen. Het bleef niet bij Scheveningen alleen want ook vanuit Katwijk, Noordwijk en van de Zuiderzee kwamen berichten over verliezen van mensen, materiaal en schepen. Op Scheveningen kwam een commissie bestaande uit reders, predikanten en burgemeester Patijn, tot stand om de abonnees van dagbladen tot zogenoemde liefdegiften aan te sporen.


door Bert v.d. Toorn
Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #18 Gepost op: 16-12-2008, 21:27:52 »

Wereldtemperatuur ook dit jaar weer hoger

DE BILT - De wereldtemperatuur is ook dit jaar weer gestegen. Met een afwijking van 0,31 graden boven het langjarig gemiddelde staat 2008 op de tiende plaats op de lijst van warmste jaren in de afgelopen anderhalve eeuw.
 Dat heeft het KNMI dinsdag bekendgemaakt. De lijst van warmste jaren wordt aangevoerd door 1998 met een afwijking van plus 0,52 graden. In dat jaar gaf El Nino, een hoge zeetemperatuur bij de evenaar op de Stille Oceaan, de wereldtemperatuur een extra zetje.

Ook kende 2008 een aantal opmerkelijke weerfenomenen. Zo had Noord-Europa, inclusief Scandinavi???« en Siberi???«, een uitzonderlijk zacht begin van de winter. Zo lagen de maandgemiddelden in Scandinavi???« bijvoorbeeld 7 graden boven de norm en op veel plaatsen was het de zachtste winter sinds het begin van de weermetingen.

In een gebied dat zich uitstrekt van Turkije tot en met China was het daarentegen in zeker vijftig jaar niet zo koud geweest. De zomer begon dit jaar opmerkelijk vroeg in Europa. Mei was in Nederland al een echte zomermaand met negen zomerse dagen. De temperatuur was drie graden warmer dan normaal. Ook was het warm in Europa en het Midden Oosten. In april waren daar al de eerste hittegolven.

In het najaar kreeg Noord-Afrika te maken met uitzonderlijk hevige regen, waardoor velen doden en gewonden vielen. Ook in het zuidwesten van Europa regende het soms hard. Valencia registreerde 390 millimeter regen in een etmaal, waarvan 144 millimeter in een uur viel. Delen van Frankrijk kregen tussen 31 oktober en 2 november op sommige plaatsen 500 millimeter te verwerken, wat leidde tot overstromingen.

Het gat in de ozonlaag was dit jaar groter dan in 2007, maar kleiner dan in het recordjaar 2006. Op 12 september van dit jaar had het gat een omvang van 27 miljoen vierkante kilometer tegen 29 miljoen in 2006 en 25 miljoen in 2007.


AD


* Aardbol.jpg (12.7 KB, 468x250 - bekeken 5255 keer.)
Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #19 Gepost op: 20-12-2008, 23:04:24 »

Een verwaarsloosde jeugdherberg in Ockenburg

DEN HAAG - In de jaren vijftig verwelkomde de jeugdherberg in Ockenburg bezoekers uit wel twintig verschillende landen en boekte de beheerder 30.000 overnachtingen per jaar - allemaal 'jonge zwervers', met gemakkelijk zittende, slijtvaste kleding aan het lijf.
 
Naast de witte villa ligt een meertje ter grootte van een paar voetbalvelden. Terwijl ik me sta af te vragen hoe diep de plas is, rent een herdershond spontaan het water in. Een dorre tak vast in zijn bek, zijn baas met een rode neus op de oever.
Het gaat om een grasveld, dat bewust onder water is gezet. Bij vrieskou verandert het in een schaatsbaan voor bewoners van heinde en verre. Het gaat mij echter om het grote landhuis, met zijn Peyton Place-achtige torentje - een bootje als windvaan erbovenop.
In 1652 liet de dichtende medicus Jacob Westerbaen het neerzetten. Hij hoopte er zijn geest tot rust te laten komen na de vroege dood van zijn vrouw. Zij was vele jaren ouder dan hij, van adel en zeer vermogend.
Zelf van eenvoudige afkomst was hij door zijn werk als arts in contact gekomen met de gegoede kringen waarin zij verkeerde. Anna Weytsen was de schoondochter van niemand minder dan Van Oldenbarnevelt, voor wie haar echtgenoot het altijd heeft opgenomen. Na de dood van de in ongenade gevallen raadspensionaris kwam hij - intussen zelf geridderd en in de adelstand verheven - in het bezit van diens fameuze 'stokje'.
Op de buitenplaats Ockenburgh verdreef Westerbaen zijn weduwnaarsverdriet met dichtregels. Hij liet het echter niet bij het bezingen van zijn lustoord. Zijn jeugd in een familie van touwslagers had hem de nodige praktische zin bijgebracht. Daarom liet hij de drassige veengrond verstevigen met duinzand.
Als verwoed tuinier kon hij zich nu volop uitleven - ook als boer verdiende hij de nodige sporen. Met schapen en koeien in de omliggende weiden, en het hele jaar door een stevig gevulde voorraadschuur. In het jachtseizoen trok hij er eveneens op uit. Officieel was het hem niet toegestaan op jacht te gaan, dat recht was voorbehouden aan de Oranjes en de oud-Hollandse adel. Nu waren zulke partijen aan hem niet besteed, dus daar legde hij zich zonder morren bij neer.
Dat hij als buitenman toch voldoende wild op tafel kreeg, kwam door zijn routine als stroper. Hij kende alle kneepjes, dus wist precies hoe een leger duinkonijnen te verschalken. Jachtseizoen of niet, de Heer van Ockenburgh begreep dat verboden vlees het beste smaakt.
Zijn buitenhuis heeft de tand des tijds niet doorstaan. Maar er gingen vele bewoners overheen voor de slopershamer toesloeg. De eerste steen van de huidige villa werd gelegd in de jaren tachtig van de 19de eeuw. Daarmee leek een periode te worden ingeluid waarin het verval continu op de loer lag.
Zo zag de gemeente zich al in 1931 gedwongen het landgoed over te nemen en het open te stellen voor publiek. Het onderhoud van een dergelijk privé bezit vergde te veel van de notaris die er op dat moment woonde.
In de oorlog heeft de Duitse bezetter het huis geconfisqueerd, en er in de Hongerwinter zijn beruchte V2 raketten (Vergeltungswaffe) naartoe versleept. Het landgoed bood een ideale beschutting om raketten richting Engeland af te vuren. Intussen kwam er af en toe wel eens 'per ongeluk' een V2 op een Haagse woonwijk terecht, zoals op het kruispunt van de Indigostraat. Daarbij zijn tientallen burgers om het leven gekomen.
Door Ockenburgh tot een lanceerplek te maken, kwam het ook onder vuur te liggen van geallieerde bommenwerpers. Niet zo vreemd dus dat de villa aan het eind van de oorlog nog het meeste weg had van een bouwval. Aangetast, uitgewoond en rijp voor de sloop. Alleen het kippenhok stond nog stevig overeind.
De geest van de wederopbouw zorgde ervoor dat de plek in de jaren daarna een bloeitijd doormaakte. Het kostte de gemeente weliswaar een paar duiten en de nodige werkkrachten, maar twee jaar na de bevrijding was de ruone die de Duitsers hadden achtergelaten veranderd in een goed geoutilleerde jeugdherberg. Met 200 stapelbedden voor reislustige jongeren.
Er was een moderne keuken ingericht waar de trekkers hun eigen potje konden koken. De corveeregels schreven ook voor dat zijzelf moesten afwassen, opruimen en uiteraard het eigen bed verschonen. De discipline stond in het teken van het aankweken van een groepsgeest. Met samenzang, wandelingen voor dag en dauw, volksdansen en pianospel - of gitaar - bij het open haardvuur.
De avonturen die zij onderweg beleefden, vormden de rode draad in de gesprekken tussen de jongeren die de jeugdherberg bezochten. Wel werden de seksen ondergebracht in aparte slaapvleugels. Het zou tot ver in de jaren zeventig duren voor de NVSH het gebouw binnen mocht, om de eerste automaat met condooms op te hangen.
Die geest van seksuele vrijheid, blijheid heerste nog niet toen Sjoerd Bakker en zijn vrouw - haar naam wordt nergens vermeld - eind jaren veertig als herbergouders aantraden. Onder hun leiding groeide het landgoed uit tot een internationaal befaamde plek voor jongeren die hun naoorlogse vleugels wilden uitslaan. Daar droeg ook de ligging toe bij; met bossen, de duinen, het strand en stads vertier binnen handbereik.
Een park waar jongeren zowel terecht konden voor opwinding als voor ontspanning. Zoiets als de Verenigde Naties op zakformaat - met 30.000 overnachtingen per jaar en bezoekers uit zeker twintig landen. Allemaal jonge zwervers, met gemakkelijk zittende, slijtvaste kleding aan het lijf.
In de loop van de jaren zestig veranderde die sfeer van geitenwollen sokken. De leiding van de jeugdherberg kon weinig anders dan zich aanpassen aan de lossere zeden van de tijd. Anders kozen de jongeren liever voor een plekje in de openlucht. Als een jongen en een meisje samen de bosjes indoken, werd de toegang tot het gebouw hun niet langer ontzegd.
Er kwam een bar, omdat bezoekers anders stiekem een fles sterke drank mee naar de slaapzaal namen. De volkswijsjes maakten plaats voor een beatsound - alleen softdrugs kwamen er bij 'vader Bakker' niet in.
Na een kwarteeuw stak de gemeente vol optimisme geld in renovatie en uitbreiding. Achter het landgoed verrees in 1973 een tweede gebouw, dat was ontworpen door de vooruitstrevende architect Frank van Klingeren. Drie hypermoderne etages van staal en glas.
De benedenruimte had nog het meeste weg van de vertrekhal van een vliegveld. Met een soort hangar als keuken, die aan de lange zijde van het gebouw naar binnen was geschoven. Het ging jaren lang goed, maar het tij van een andere tijdgeest bleek niet te keren. Nauwelijks twintig jaar na de uitbreiding sloot de jeugdherberg voorgoed zijn deuren.
Beide gebouwen staan al eindeloos lang te wachten op een nieuwe bestemming. Intussen functioneert een groep van jonge beeldende kunstenaars, onder de verzamelnaam Het Binnenhof, als veredelde antikrakers. Maar ook zij weten de snel om zich heen grijpende verloedering van Ockenburgh geen halt toe te roepen. Het voormalige lustoord wacht op een tweede Jacob Westerbaen, met een grootse visie op de toekomst van de plek.


AD


* ockenburg.JPG (23.05 KB, 467x250 - bekeken 5046 keer.)
« Laatste verandering: 24-02-2009, 21:44:48 door Hans » Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Hans
Moeder overste
Lid van de AA
*****
Berichten: 1108


Hoop in 2013


Bekijk profiel
« Antwoord #20 Gepost op: 25-12-2008, 14:24:36 »

Leerzaam verhaaltje

Een vrouw kwam uit haar huis gewandeld en zag drie oude mannen met witte lange baarden in haar voortuin staan.

Ze herkende hen niet.

Ze zei: 'Ik denk niet dat ik jullie ken , maar jullie moeten hongerig zijn.

Kom alsjeblieft binnen en eet een kleinigheid'.

'Is uw echtgenoot thuis?' vroegen ze haar.

'Neen' , antwoordde ze , 'hij is weg.'

'Dan kunnen we niet binnenkomen' , reageerden ze.

S' Avonds , toen haar man thuiskwam , vertelde ze hem wat er was gebeurd.

'Ga ze zeggen dat ik thuis ben en nodig hen uit om binnen te komen.'

De vrouw ging naar buiten en nodigde de mannen uit binnen te komen.

'Wij komen niet samen binnen , ' was hun antwoord.

'Waarom dan niet?' vroeg ze.

E???©n van de oude mannen legde het uit: 'Zijn naam is Rijkdom , ' zei hij en wees naar een van zijn vrienden , en vervolgde terwijl hij de andere aanduidde , 'Hij is Succes , en ik ben Liefde.'

Dan voegde hij eraan toe , 'Overleg nu met uw echtgenoot wie van ons je in uw huis wil.'

De vrouw keerde terug en vertelde haar man wat er gezegd was.. Haar echtgenoot was enthousiast. 'Fantastisch!' zie hij. 'Als dat zo is , laat ons Rijkdom uitnodigen. Laat hem binnenkomen en ons huis vullen met rijkdom!'

Zijn vrouw was het er niet mee eens. 'Liefste , waarom nodigen we Succes niet uit?'

Hun schoondochter luisterde vanuit de andere hoek van de kamer mee. Ze kwam tussenbeide met haar voorstel: 'Zou het niet beter zijn om Liefde uit te nodigen? Ons huis zal dan vol liefde zijn!'

'Wel , laat ons de raad van onze schoondochter opvolgen , ' zei de man tot zijn vrouw.

'Ga naar buiten en nodig Liefde uit om onze gast te zijn.'

De vrouw ging naar buiten en vroeg de drie oude mannen: 'Wie van jullie is Liefde? Kom alsjeblieft binnen en wees onze gast.'

Liefde stond op en ging in de richting van het huis. De andere mannen stonden ook op en volgden hem. Verrast vroeg de vrouw aan Rijkdom en Succes: 'ik nodigde alleen Liefde uit , waarom komen jullie nu ook mee naar binnen?'

De oude mannen antwoordden samen: 'Indien je Rijkdom of Succes had uitgenodigd , dan zouden de beide anderen buiten blijven , maar je hebt Liefde uitgenodigd en waar die ook naar binnen gaat , daar zijn wij ook. Om het even waar Liefde is , daar is ook Rijkdom en Succes!!!'

MIJN WENS VOOR JOU...

- Bij pijn , wens ik je vrede en genade.
- Heb je twijfel aan jezelf , wens ik je een vernieuwd vertrouwen in jou kunnen om je erdoor te helpen.
- Is er vermoeidheid of uitputting , wens ik je begrip , geduld en vernieuwde kracht.
- Heb je angst , wens ik je liefde en moed.

Nu heb je twee keuzes:

1. Sluit dit verhaal af , of
2. Nodig liefde uit door dit verhaal met alle mensen te delen waar je om geeft.
Gelogd

www.snuffelbeurs.nl is vernieuwd, plaats snel een advertentie.
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #21 Gepost op: 26-12-2008, 20:39:58 »

Een echte Scheveningse straatschoffie die wereldberoemd werd.  Grin

Nieuwsgierig geworden  Shocked klik op onderstaande link.  Cheesy


http://www.dehaagsevoetbalhistorie.nl/?pid=16&news[nid]=74
Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Marretje
Zuiplap
****
Berichten: 588


Eerlijk duurt het langst


Bekijk profiel
« Antwoord #22 Gepost op: 29-12-2008, 11:55:26 »

Visser bezoekt  zeepaardje in dierentuin

OUDDORP/ROTTERDAM - Hij wilde het zeepaardje nog één keer zien. En dus ging de Ouddorpse visser Ronnie Hameeteman gisteren met zijn kinderen naar Diergaarde Blijdorp om te kijken hoe het gaat met het zeldzame visje, dat hij onlangs op de Noordzee aantrof tussen zijn gewone vangst tong.
 
Vier dagen lang ontfermde Hameeteman zich als een vader over het diertje. Elke vier uur ververste hij het water in de emmer.

Dobberend, met d'r staart gewikkeld rond wat zeegras, is ze in haar element, vertelt verzorger Patrick Niemandsverdriet van Blijdorp.

Maar tot teleurstelling van Hameeteman is het diertje tussen het kroos niet te zien. Wie zeepaardjes goed wil bekijken, is aangewezen op de tientallen jongen die na hun geboorte in de Rotterdamse dierentuin in een doorzichtige fles bivakkeren.
AD


* zeepaardjes.jpg (11.44 KB, 300x160 - bekeken 4717 keer.)
« Laatste verandering: 24-02-2009, 20:48:37 door Hans » Gelogd

Behandel ieder zoals je zelf behandeld wilt worden
Gina
Moeder overste
Lid van de AA
*****
Berichten: 1436


Carpe Diem!!!!!


Bekijk profiel
« Antwoord #23 Gepost op: 13-01-2009, 14:00:29 »

Gebleven Scheveningse vissers (6)

De grote voorjaarsstorm van 1860

Scheveningen - Op 27 mei 1860, het was op de eerste pinksterdag, stormde het behoorlijk. De dag erna groeide de storm uit tot een orkaan. Het Haagse Bos en de Scheveningseweg verloren meer bomen dan menigeen zich kon herinneren. “Het Voorhout, nog voor weinige uren een lusthof, is als een ruïne herschapen; er zijn aldaar meer boomen omgewaaid dan misschien bij eenigen storm te voren” meldde een krantenbericht van destijds.


De Pinksterstorm van 1860.                                                    

door Bert van der Toorn

Langs het strand van Scheveningen leden het Stedelijk Badhuis, Hotel Garni, de ‘muziektempel’ van de Vereeniging Zeerust en enkele villa’s veel schade. Voor het dorp strandde het Britse stoomschip Theresia waarvan de bemanning kon worden gered. Gedurende de storm waren er van Scheveningen nog ruim vijftig visserspinken in zee. Enkele pinken die terugkeerden brachten de tijding dat er op de kust tal van omgeslagen vrachtschepen, groot en klein, als wrakken langs de kust dreven.

Na het bedaren van de storm kwam van tijd tot tijd een pink in het zicht van de wal. Bezorgde families spoedden zich daarop haastig naar het strand. Een droevig voorbeeld daarvan was het aankomen van de pink ‘Vrouw Engeltje’ van reder Dominicus Bruin met stuurman Benjamin Keus. Al spoedig herkende de wachtenden het rouwteken in de mast van de pink; het ontbreken van de pronkvaan. Enkele gebaren van de schepelingen maakten duidelijk wie de omgekomene was. Uit de wachtenden aan het strand maakte een vrouw zich los en vertrok wenend terug naar haar woning, aldus de plaatselijke berichten van destijds.
Hoewel niet nadrukkelijk vermeld betreft het hier zonder twijfel de 44-jarige Adriana Pronk-Plugge. Haar man de 43-jarige Dirk Pronk was tijdens de storm voor Texel overboord geslagen en verdronken. Veel Scheveningse gezinnen verkeerde de dagen daarna dan ook in grote onzekerheid. Uiteindelijk werd duidelijk dat de orkaan aan 32 Scheveningse vissers het leven had gekost.

De voorjaarsstorm van 1860 zou nadien blijvend de geschiedenis ingaan als de Pinksterstorm. De toenmalige meteoroloog Buys Ballot, oprichter van het KNMI, ijverde daarna voor het invoeren van een stormwaarschuwingsdienst welk in 1864 tot stand kwam.

De gebleven schepen
De pink ‘De Vrouw Maria Pronk’ was 26 mei vanaf het Scheveningse strand ter visserij vertrokken. Kort na de storm werd de schuit ondersteboven op de ‘Bruine Bank’ aangetroffen. Van de zeven bemanningsleden was niets te zien en ook daarna werd nooit meer iets van ze vernomen. Omgekomen waren de 40-jarige stuurman Klaar de Graaf, Nicolaas de Kraa, 40 jaar en zijn 14-jarige zoon Michiel, voorts Gerrit Spaans 42 jaar, Krijn Roeleveld 24 jaar, Jacob Toet 22 jaar en de 16-jarige Jacob Bruijn.

De pink ‘De Goede Verwachting’ van reder Dominicus Bruin was op 21 mei ter visserij vanaf Scheveningen vertrokken. Op de visgronden aangekomen werd nog een paar dagen in de nabijheid van een tweetal andere pinken gevist. De stuurlieden daarvan, Johannes Bal en Teunis Keus, praaiden op 26 mei nog hun collega schipper Pronk. Toen echter op 27 mei het weer verslechterde geraakte het drietal pinken uit elkaar. Op de 30e mei, op zes uren afstand van de Eijerlandse gronden van Texel, werd ‘De Goede Verwachting, herkenbaar aan enige merktekens, ondersteboven aangetroffen. Uiteindelijk werd de schuit in het ‘Gat van Vlie’ geheel tot wrak geslagen. Van de acht vissers, met veel familie bijeen, werd niets meer vernomen. Omgekomen waren; de 23-jarige stuurman Nicolaas Minnekus Pronk, Dirk Spaans 53 jaar en zijn zoons Johannes en Arie, 31 en 13 jaar oud. Daarnaast verdronken de 53-jarige Jan Zier den Heijer en zijn zoons Aalbert-Gerrit en Arie, 27 en 17 jaar, evenals de 21-jarige Dirk Pronk.

De familie De Ruiter

Met het uitblijven van de pink ‘Prins Frederik der Nederlanden’ moet de spanning ondraaglijk zijn geweest. Op deze pink was een groot deel van de familie De Ruiter en aangehuwden bijeen. Ook dit scheepje werd als wrak ondersteboven gevonden. De scheepsnaam was nog leesbaar en op een zwaard waren de initialen van de stuurman waar te nemen. Toen nog enkele herkenbare stukken van de pink op Texel aanspoelden was er geen twijfel meer. Omgekomen waren de 41-jarige stuurman Minnekus de Ruiter, zijn twee zoons Arie en Teunis, 17 en 12 jaar en hun respectievelijke vader en grootvader de 63-jarige Teunis de Ruiter. Voorts de twee schoonzoons van de oude Teunis, de 36-jarige Zier Teunis Bronsveld en de 25-jarige Willem Ginder. Tenslotte nog de 24-jarige Cornelis de Jong.
Voor de toen al zo zwaar getroffen echtgenoot en moeder Maria de Ruiter-De Jong zou het hierbij niet blijven. Nog tweemaal zou zij in die dagen van eind mei 1860 een jobstijding ontvangen.

Ook de pink ‘Jacoba Elisabeth’ van reder Pieter de Niet sloeg om op de visgronden gelegen boven Texel. Van deze schuit verdronken de 35-jarige Arie Simon Spaans en zijn 14-jarige zoon Arie. Voorts de 26-jarige Machiel de Jong en de 34-jarige Machiel de Ruiter. De laatste was eveneens een zoon van de verdronken Teunis de Ruiter en echtgenoot Maria de Jong.

Tenslotte de pink ‘Koopmans Welvaren’ en eveneens van reder Pieter de Niet. Deze pink sloeg ook om in de storm waarbij de 50-jarige Cornelis Harteveld en zijn 14-jarige zoon Arie verdronken. Voorts verdronken daarbij Jacob Roos en Leendert Spaans beide 20 jaar oud. De 20-jarige Teunis de Ruiter, opnieuw een zoon uit de zwaar getroffen familie De Ruiter, kon daarbij in eerste instantie nog worden gered. Maar kennelijk had de schuit zich gericht want gegevens wijzen er op dat Teunis de Ruiter op 31 mei alsnog door koortsen aan boord van de ‘Koopmans Welvaren’ overleed, maar wel aan wal kon worden gebracht.

Samengevat had Maria de Ruiter-De Jong tijdens en kort na de Pinksterstorm dus haar man, drie zoons, twee kleinkinderen en twee schoonzoons verloren.
Op 5 december 1869 overleed de weduwe De Ruiter-De Jong, op 72-jarige leeftijd. Zij stond aan het hoofd van een gezin dat nog grotendeels uit weduwen bestond.


Bron:De Scheveningse courant .nl
Gelogd

*Geef pas een oordeel
als je denkt dat je zelf perfect bent*



www.amberalertnederland.nl
Anneke
Grote drinker
***
Berichten: 341


Carpe Diem...!


Bekijk profiel
« Antwoord #24 Gepost op: 13-01-2009, 17:29:07 »

Ik werd helemaal eng van dat verhaal hierboven. Wat een leed heeft die vrouw allemaal meegemaakt zeg, onvoorstelbaar.
En die kinderen allemaal nog zo jong.

Hard hoor.
Gelogd

Pagina's: [1] 2 3 4 5 6 Omhoog Print 
« vorige volgende »
Ga naar:  


Login met gebruikersnaam, wachtwoord en sessielengte

Powered by MySQL Powered by PHP Powered by SMF 1.1.7 | SMF © 2006, Simple Machines LLC Valid XHTML 1.0! Valid CSS!